In het verleden zijn de schoolrapporten wat geflatteerd gebleken. Hoe kom ik er achter hoe mijn dochter die in groep 7 zit, er echt voorstaat? (om straks een goede middelbare schoolkeuze te doen).
U kunt het beste de gegevens van het Leerling Volg Systeem opvragen. Met deze gegevens kunt u een duidelijk beeld vormen van de schoolloopbaan van uw dochter tot nu toe.
Elke school heeft een eigen Leerling Volg Systeem. Het Leerling Volg Systeem is bedoeld om de leervorderingen en de eventuele achterstanden vast te stellen. In het LVS worden toetsen afgenomen die het niveau van de leerling aangeven. De meeste toetsen richten zich direct op het meten van de ontwikkeling van cognitieve vaardigheden (de aanwezige kennis).
De meeste scholen gebruiken het leerlingvolgsysteem van de CITO.
Voor elk ontwikkelingsgebied (taal, lezen, rekenen, wereldoriëntatie, sociaal-emotionele ontwikkeling) is er een Cito Leerling Volg Systeem toets ontwikkeld.
Twee keer per jaar vindt er een afname plaats. In januari/februari en mei/juni. Zie ook de toetsenkalender op school. Bij ieder toetsonderdeel van ieder schoolleerjaar hoort een handleiding. In de handleiding wordt de wijze van scoren/de puntentelling beschreven. De leerkracht berekent de ruwe score per leerling op de voorgeschreven wijze. Aan de hand van een bijgeleverd schema, een soort grafiekje, kan hij/zij zien met welke letter (A, B, C, D en E) deze score correspondeert. (D en E zijn onvoldoendes). De ruwe score kan aan de hand van toetstabellen uit het DLE-boek omgerekend worden tot een Didactische Leeftijds Equivalent. Deze DLE geeft preciezer aan hoeveel maanden voorsprong/achterstand de leerling heeft, afgezet tegen de Didactische Leeftijd (DL = het aantal maanden onderwijs dat het kind gedurende de schoolloopbaan genoten heeft. Er wordt daarbij uitgegegaan van 10 maanden onderwijs per jaar vanaf groep 3).
Deze gegevens kunt u dus opvragen. Dat geldt ook voor andere leerlingvolgsystemen dan de CITO. Als het goed is zijn alle basisscholen in het bezit van een DLE-boek. Bijna alle toetsen die in scholen gebruikt worden staan er in vermeld met een omrekeningstabel van de toetsscores in een DLE.De gegevens van het LVS geven dus een duidelijk beeld van de leerontwikkelingen tijdens de schoolloopbaan van een leerling.
Wat betreft het CITO-LVS : in het voorjaar van groep 7 maken de leerlingen de Cito-entreetoets. Met de entreetoets kan de leerkracht goed nagaan of de leerling op niveau presteert en of er in de kennis en vaardigheden op bepaalde punten hiaten zitten. De leerkracht kan op basis van de uitslag van de toets zonodig een gericht plan maken om de hiaten op te vullen. Maar een dergelijk plan kan evengoed aan de hand van resultaten van andere leerlingvolgsystemen gemaakt worden.
Wat betreft de middelbare schoolkeuze het volgende: In groep 8 stelt de basisschool een onderwijskundig rapport op voor de school voor voortgezet onderwijs. Het wordt ook wel schooladvies genoemd en het wordt door de leerkracht opgesteld in samenspraak met de directeur en met de andere leerkrachten. Vervolgens wordt het met de ouders besproken. Het gewicht van de CITO-eindtoets bij het schooladvies is per school verschillend, de ene basisschool neemt de uitslag van de toets als schooladvies over en een andere school neemt het mee en stelt het advies samen op basis van de uitslag en de observaties van de leerkrachten en de resultaten van de leerling uit het leerlingvolgsysteem.