Wat is het verschil tussen faalangst en gezonde spanning?
Het voelen van een verhoogde mate van spanning bij het moeten leveren van prestaties (proefwerken, examens, het geven van een voordracht en dergelijke) is heel normaal. Vaak helpt het juist om een goede prestatie te kunnen leveren: de motivatie, inzet en de alertheid nemen er door toe. Bij faalangst is echter sprake van een spanning die blokkerend werkt of ten koste gaat van het welzijn. Faalangst komt overigens niet alleen voor bij het maken van proefwerken, tentamens en examens (cognitieve faalangst), maar ook in sociale situaties, zoals bij het contact leggen met vreemde mensen of het houden van een toespraak in een groep (sociale faalangst). Verder kunnen sommige mensen geweldig opzien tegen het moeten leveren van een sportieve of artistieke prestatie met het lichaam (motorische faalangst).
De grens tussen normale spanning en faalangst is moeilijk exact te trekken. Wel heeft faalangst een paar duidelijke kenmerken:
· een hoge mate van gespannenheid die niet alleen in bijzondere maar ook in alledaagse situaties optreedt;
· de spanning werkt blokkerend (black out, onnodige fouten maken, niet aan de opdracht beginnen, ontwijkgedrag, enzovoort) en/of gaat ten koste van het welzijn (de prestatie is goed, maar er is sprake van een buitensporige voorbereiding)
· mislukkingen leiden tot een gevoel van minderwaardigheid en tot zelfverwijt
· successen vergroten niet het zelfvertrouwen, maar worden toegedicht aan geluk en andere externe factoren
· er is bij faalangstige personen sprake van een negatief zelfbeeld.
Faalangst is erg hardnekkig, juist omdat de angst niet verdwijnt door succeservaringen, maar wel toeneemt door mislukkingen. Toch kunnen ouders en scholen wel iets tegen faalangst doen. Faalangst kan worden bestreden door het creëren van een veilig schoolklimaat, waarin iedereen mag zijn zoals hij of zij is. Verder moet bij faalangstige personen vooral worden gewerkt aan het bijstellen van het negatieve zelfbeeld. Er zijn scholen die hiervoor extra trainingen geven.