Bijzonder onderwijs
Het bijzonder onderwijs kan onderverdeeld worden in confessioneel bijzonder onderwijs en algemeen bijzonder onderwijs.
Confessioneel bijzonder onderwijs
Scholen voor bijzonder onderwijs werken als regel vanuit een godsdienst of een wereldbeschouwing. Er zijn allerlei bijzondere scholen. Rooms-katholieke, protestantse, of Islamitische scholen zijn voorbeelden van confessioneel bijzondere scholen.
Bijzondere scholen worden niet door de overheid bestuurd, maar door een vereniging of stichting. Naast het schoolbestuur regelt ook de gemeente een aantal zaken voor de bijzondere scholen. Een voorbeeld hiervan is de huisvesting.
Particulieren, maar ook kerkelijke instanties, beginnen veelal een stichting of vereniging voor bijzonder onderwijs om een bepaalde levensbeschouwelijke, bijvoorbeeld godsdienstige, maatschappelijke of onderwijskundige, visie te kunnen vormgeven.
Van ouders wordt verwacht dat zij de visie en uitgangspunten van de school onderschrijven. Ongeveer 60% van de scholen valt onder de noemer bijzonder onderwijs.
Bijzonder onderwijs wordt soms verward met speciaal onderwijs, onderwijs met speciale aandacht en voorzieningen voor leerlingen met leermoeilijkheden, zoals ziekte, handicaps.
Algemeen bijzonder onderwijs
Algemeen bijzondere scholen kiezen niet voor een specifieke levensbeschouwelijke stroming, maar gaan uit van de gelijkwaardigheid van de verschillende levensbeschouwingen. Dit wordt vaak gecombineerd met een bepaalde opvoedings- en onderwijsmethode zoals Montessori, Jenaplan en Dalton. Er zijn ook Vrije scholen, die een eigen mensvisie combineren met een opvoedingsmethode. Als ouders dit wensen, kan godsdienstonderwijs als een niet-verplicht vak worden gegeven op de algemeen bijzondere scholen.
Zie voor meer informatie www.lobo.nl.
*